Nieuws

Vanuit duidelijke kaders gebiedsgericht aan de slag voor een toekomstbestendig rivierengebied

Een heldere toekomstvisie op een toekomstbestendig rivierengebied. Plus leidende afspraken over de rivierbodemligging en afvoercapaciteit. En een overzicht van riviertrajecten en gebieden waar we als eerste aan de slag gaan. Dit staat straks in het Ontwerp Programma onder de Omgevingswet dat we in april 2023 aan de stuurgroep IRM willen voorleggen. Waarna we deze ter inzage leggen.

Willemspolder Oost Fluvia Lucht
bron: provincie Gelderland

Op basis van een bestuursovereenkomst gaan we vervolgens gebiedsgericht aan de slag om ons rivierengebied toekomstbestendig te maken. Dit zijn de uitkomsten van de herijking IRM, waaraan we de afgelopen drie maanden hebben gewerkt.

Herijken: waarom ook alweer?

Sinds de start van IRM in 2019 heeft een grote groep ‘IRM-ers’ met maatschappelijke organisaties en overheden in de rivierenregio’s een schat aan kennis verzameld en ontwikkeld. Een greep:

  • in de Notitie Reikwijdte en Detailniveau (NRD) hebben we onder meer het doel en de geografische reikwijdte van IRM beschreven
  • in Beeld op de Rivieren hebben we in kaart gebracht hoe onze rivieren zich ontwikkelen richting 2050 en 2100 en welke kansen en knelpunten dit oplevert voor onder meer waterveiligheid, scheepvaart, landbouw, natuur recreatie, ruimtelijke kwaliteit en economische ontwikkeling
  • uit de Systeembeschouwing bleek dat afvoerverdeling en rivierbodemligging de belangrijkste knoppen zijn om aan te draaien voor een toekomstbestendig rivierengebied
  • de pilots IRM bevestigden dat goede samenwerking en governance cruciaal zijn om verder te komen met IRM
  • de Ecologische Systeemopgave leerde ons dat bij de ruimtelijke inrichting van het rivierengebied ook het ecologisch netwerk leidend moet zijn
  • samen met regionale partners uit de Deltaprogramma’s Rijn en Maas zijn twee waardevolle oefentrajecten doorlopen

Deze kennis en nieuwe inzichten zorgden dat we eind 2021 een pas op de plaats maakten. We moesten een aantal vragen opnieuw onder de loep nemen: waar werken we nu precies naartoe? Wat is ons gezamenlijke toekomstbeeld voor de rivieren? Welke bestuurlijke afspraken zijn straks nodig om onze plannen te realiseren?

Nu we de antwoorden op deze vragen hebben aangescherpt is helder welke koers we de komende tijd moeten varen. We praten je graag bij.

Nu eerst snel naar een Ontwerp PoW

Wat komt in het Programma onder de Omgevingswet (PoW) te staan:

  • een visie op hoe het toekomstbestendig rivierengebied eruit ziet in 2050
  • beleidskeuzes voor de rivierbodemligging, sedimenthuishouding en afvoercapaciteit van het riviersysteem –samen met systeemingrepen voor een klimaatbestendige en robuuste riviernatuur zijn die bepalend voor hoe we gebiedsgericht verdergaan met IRM
  • een overzicht van de riviertrajecten en de gebieden waar we als eerste aan de slag gaan

Visie: waar werken we naartoe?

In het PoW staat een visie op een toekomstbestendig rivierengebied in 2050, met een doorkijk naar 2100. Die visie maakt ook op hoofdlijnen duidelijk wat de impact van de beleidskeuzes is op de beschikbaarheid van water, de scheepvaart, natuur en waterkwaliteit, op waterveiligheid en de kansen voor ruimtelijke ontwikkeling in het rivierengebied.

Beleidskeuzes: bodem en afvoercapaciteit leidend

Voor de verdere gebiedsuitwerkingen van IRM na 2023 is wat we moeten doen in het riviersysteem bepalend. Beleidskeuzes die we in het PoW maken voor de bodemligging/sedimenthuishouding, afvoercapaciteit en de ecologie zijn straks dus leidend.

Bij het bepálen van die beleidskeuzes nemen we de impact die ze hebben op de scheepvaart, natuur, watervoorraad, waterveiligheid en ruimtelijke ontwikkeling mee. We houden rekening met andere waterprogramma’s. En ook met Duits en Belgisch beleid; we kijken welke internationale afspraken verder eventueel nodig zijn.

In het PoW leggen we ook de kaders vast voor de opgaven van de Programmatische Aanpak Grote Wateren, zoals al eerder was afgesproken in de Notitie Reikwijdte en Detailniveau. Deze notitie blijft het vertrekpunt voor IRM.

Riviertrajecten en gebieden in beeld waar we nú aan de slag moeten

In het PoW wijzen we prioritaire gebieden aan waar we als eerste écht integraal aan de slag moeten. Hier komen vraagstukken bij elkaar op het gebied van bijvoorbeeld natuur, scheepvaart, waterveiligheid, recreatie, wonen en werken.

Ook wijzen we riviertrajecten aan waar we nú maatregelen moeten nemen. Bijvoorbeeld om op de langere termijn verdere uitschuring van de rivierbodem te voorkomen. Dit gaat dus over urgent systeemmaatregelen. Gebiedsgerichte maatregelen volgen in de latere gebiedsuitwerkingen.

Wie is aan zet?

Hoe we precies tot het PoW en onze werkwijze komen, en hoe de route voor besluitvorming en de planning voor inspraak eruitzien, wordt de komende maanden duidelijk. Daar praten we je natuurlijk over bij in deze nieuwsbrief.
Dit weten we al. De inhoud voor het PoW dat we nu voor ogen hebben, hebben we de afgelopen jaren al opgehaald bij het Rijk en in de regio. Collega’s van het Rijk, de provincies en de waterschappen gaan hier nu in werkgroepen mee aan de slag. Het Ontwerp PoW leggen we eerst via de bestaande overlegstructuren van Deltaprogramma’s Maas en Rijn voor om het vervolgens in april 2023 voor te leggen aan de stuurgroep IRM. Daarna leggen we het Ontwerp PoW ter inzage, met de milieueffectrapportage als bijlage. Iedereen kan daar dan op reageren door het indienen van zienswijzen.

Natuurlijk houden wij gemeenten en maatschappelijke organisaties in het rivierengebied goed op de hoogte. Maatschappelijke organisaties zijn ook vertegenwoordigd in de klankbordgroep Maas en de adviesgroep Rijn.
De betrokkenheid van partners in de regio blijft vanzelfsprekend belangrijk als we na vaststelling van het PoW in 2023 verdergaan met de gebiedsgerichte uitwerkingen.

Met het PoW naar een bestuursovereenkomst

We ‘vertalen’ het PoW in een algemene bestuursovereenkomst tussen rijk, provincies en waterschappen. Ook die is in mei 2023 in concept klaar.
Hierin staat onder meer hoe het PoW meegenomen wordt in regionaal beleid, hoe we gaan samenwerken en hoe we komen tot gebiedsuitwerkingen voor de prioritaire gebieden.

In gebiedsspecifieke bestuursovereenkomsten maken samenwerkende partijen vervolgens afspraken over organisatie, governance, aanpak, werkwijze en financiering van de gebiedsgerichte uitwerkingen.

Na PoW gebiedsgericht verder

Het PoW geeft richting aan hoe we met IRM verdergaan in de verschillende regio’s in het rivierengebied. Daar kennen samenwerkingspartners hun gebied als geen ander. En daar kunnen lokale en regionale opgaven voor onder meer wonen, recreatie, natuur, duurzame energie samen opgaan met maatregelen voor sedimenthuishouding/bodem, afvoercapaciteit en de ecologische systeemopgave.

Ook in de maak: een kennisprogramma

Al hebben we ongelofelijk veel kennis verzameld en gedeeld afgelopen jaren, we weten ook nog een heleboel níet. We gaan niet wachten en alles eerst uitzoeken en onderzoeken voor we verdergaan met het PoW. Daarvoor maken we een kennisagenda en een kennisprogramma voor 2023-2029. Sowieso is één ding duidelijk: door nieuwe inzichten en ontwikkelingen in het rivierengebied zullen we het PoW regelmatig moeten actualiseren.