IRM op het Deltacongres

"IRM kan de systeemprikker zijn voor water- en natuurprogramma’s"

Bodem in zicht: dat was de titel van de bijeenkomst over Integraal Riviermanagement (IRM) op het Deltacongres 2022. Gespreksleider Lisa Peters nam bezoekers online en in de zaal mee op expeditie op “het schip IRM”. Op welke stip op de horizon koerst het programma IRM? Hoe zit het met de samenhang en samenwerking met andere natuur- en water(bescherming)programma’s, belangrijke thema’s binnen IRM?

Programmamanager IRM Jan Willem Kamerman in gesprek met watercollega's op het Deltacongres 2022.
Programmamanager IRM Jan Willem Kamerman in gesprek met watercollega's op het Deltacongres 2022.

Op het podium: programmamanager IRM Jan Willem Kamerman, manager Deltaprogramma Zoetwater Marcela Laguzzi, directeur Hoogwaterbeschermingsprogramma Erik Wagener en waarnemend Directeur-Generaal Natuur, Visserij en Landelijk Gebied Donné Slangen. Allemaal zijn zij met hun collega’s vanuit hun eigen programma of ‘beleidsdomein’ bezig in en voor het rivierengebied. Wat kan juist de I van IRM toevoegen?

Naar een toekomstbestendig riviersysteem

Gelijk maar naar die stip op de horizon. “Een veilig, vitaal en bevaarbaar rivierengebied met een robuust en duurzaam te beheren riviersysteem”, vatte IRM-programmamanager Kamerman bondig samen. “Daar werken we aan.”

Wat daar voor nodig is, laat zich nog korter samenvatten: hoogwaterstanden moeten omlaag, laagwaterstanden juist omhoog. Om dat te realiseren, zijn de bodemligging en waterafvoercapaciteit dé sleutels voor het toekomstbestendig maken van het riviersysteem.

Dus wordt nu gestudeerd op het beste scenario om dat voor elkaar te krijgen. Die voorkeursvariant komt te staan in het Programma onder de Omgevingswet (POW) voor IRM, dat naar verwachting vóór de zomervakantie van 2023 gereed is. Daarin staan straks ook (onder meer) uitgangspunten voor integrale samenwerking en financiering.

IRM als systeemprikker

Voor de meeste Deltacongresgangers is het bekend: de uitdagingen in het rivierengebied zijn legio. Naast veilig en prettig wonen en werken, willen we dat rivieren goed bevaarbaar zijn, verdient natuur de ruimte, en moeten we ook zoet water goed zien te verdelen. En dan zijn er ook allerlei lokale en regionale wensen voor economische en ruimtelijke ontwikkeling.

Vanuit allerlei programma’s wordt gewerkt in en aan het rivierengebied. Van dijkversterking tot natuurontwikkeling, van de Programmatische Aanpak Grote Wateren tot werken aan waterkwaliteit. In het POW voor IRM worden zogenoemde prioritaire gebieden in het rivierengebied voorgesteld, om daar als eerste in samenhang te werken aan riviermaatregelen. Afspraken over bodemligging en waterafvoercapaciteit zijn daarvoor dus de onderligger.

“Met IRM als systeemprikker willen we al die ontwikkelingen dichter bij elkaar brengen”, onderstreepte Kamerman. “Uiteindelijk komt alles wat we vanuit al die verschillende programma’s bedenken, terecht in die rivier.”

IRM op het Deltacongres 2022 met van links naar rechts: Marcela Laguzzi, Donné Slangen en Erik Wagener.
IRM op het Deltacongres 2022 met van links naar rechts: Marcela Laguzzi, Donné Slangen en Erik Wagener.

HWBP: centrale systeemkeuzes IRM zeer welkom

Kijkend naar die rivieren, dan is het Hoogwaterbeschermingsprogramma (HWBP) aan zet om de wanden en grenzen daarvan te versterken, introduceerde directeur Erik Wagener zijn opdracht. Sterke dijken zorgen ervoor dat we ín het rivierengebied vaart kunnen maken met IRM.

“Richting 2050 praten we over 400 kunstwerken en 1500 kilometer dijken, waarvan we nu 180 kilometer hebben gerealiseerd. Kijkend naar de klimaatveranderingen, gaan we – ondanks enorme inspanningen van de waterschappen en het Rijk – nog niet hard genoeg. We hebben geen tijd te verliezen.”

Het HWBP werkt al in de geest van IRM, door bij projecten zoveel mogelijk te kijken naar andere ontwikkelingskansen in het rivierengebied, vertelde Wagener. Nu al organiseert het HWBP projecten slim door materialen die vrijkomen door rivierverruiming en natuurontwikkeling te gebruiken voor dijkversterking. Dat levert flinke besparingen op voor transport en CO₂-uitstoot. Deze werkwijze kan IRM - ook bovenlokaal - een boost geven.

“In tegenstelling tot wat ik weleens hoor, concurreren IRM en het HWBP absoluut niet met elkaar”, constateerde Wagener dan ook. Sterker nog: “Er zijn centrale keuzes nodig voor rivierverruiming, bodemdaling en waterafvoer, want systeemoplossingen kun je niet bij waterschappen neerleggen. Ik kijk dus reikhalzend uit naar het POW van IRM.” Wagener vindt het belangrijk om vanuit de ‘systeemgedachte’ aan het werk te gaan in het rivierengebied. “Met een sectorale aanpak komen we er niet.”

IRM is de sleutel voor onze zoetwatervoorraad

Nederland heeft een lange traditie in het vechten tegen hoogwater, maar hoe we omgaan met láágwater is een zoektocht, benadrukte Marcela Laguzzi. Als manager Deltaprogramma Zoetwater is zij daar met collega’s volop mee bezig. De droogte van de laatste jaren maakte die noodzaak nog eens heel duidelijk.

“Afgelopen zomer had de droogte niet twee weken langer moeten duren of de poppen waren aan het dansen geweest.” Waarmee zij maar wilde zeggen: IRM koerst op 2050, maar voor onze zoetwatervoorraad is het nú alle hens aan dek. “We moeten Nederland weerbaarder maken tegen droogte.”

Naast minder water gebruiken, water bufferen en leren leven met watertekorten in bepaalde periodes, moeten we het beschikbare water vooral ook slim verdelen. “Daar hebben we IRM voor nodig: dat is onze sleutel. Nu al is het in droge tijden moeilijk om onze nationale regenton het IJsselmeer te vullen.”

IRM op het Deltacongres. Vlnr: Donné Slangen, Erik Wagener en Marcela Laguzzi
fotobijartikel_1-crop.jpg

Om te zorgen dat via de IJssel voldoende water naar het IJsselmeer gaat, zijn wat Laguzzi betreft zéker maatregelen nodig voor de rivierbodem en waterafvoerverdeling – “idealiter gaan we terug naar hoe het in 1980 was”- en specifiek ook bij het Pannerdensch Kanaal. Ook meer buffergebieden zijn welkom. Laguzzi hield een serieus pleidooi om vaart te maken. Opgegroeid in Argentinië, weet zij hoe het is om een aantal maanden per jaar te leven met een watertekort. “Als de watertankwagen kwam voorrijden, mochten we twee emmers gaan halen. Alsjeblieft: laat het in Nederland niet zover komen.”

Pleidooi voor een robuust ‘natuurlijk’ riviersysteem

Mooi, werken aan een ‘robuust’ riviersysteem dat dus tegen een (klimaat)stootje kan. En goed dat ‘bodem’ en ‘waterafvoer’ daarin leidend zijn. Maar dat werkt alléén als dat systeem zichzelf in stand kan houden en mee kan bewegen met de natuur. “Anders zijn alle maatregelen weggegooid geld.”

Zo hield waarnemend Directeur-Generaal Natuur, Visserij en Landelijk Gebied Donné Slangen een gloedvol betoog voor de natuurlijke dynamiek als leidraad voor een systemische aanpak. En om natuurbescherming en -ontwikkeling niet per postzegel af te bakenen, maar veel meer gebiedsgericht te denken zoals gebeurt in de Natura 2000-gebieden.

Dat maakt dat je ruimer kunt kijken: moeten we in een bepaald gebied bijvoorbeeld toe naar nieuwe, ‘andere’ natuur in plaats van het focussen op beschermen van een specifieke plantensoort? “Het gaat niet om die ene soort, maar om het systéém.”

IRM kan ook een impuls geven aan anders samenwerken, hoopt Slangen. “We kunnen natuurlijk niet alle opgaven in het rivierengebied in de postbus doen van IRM. Maar IRM kan wel helpen om meer dezelfde taal te gaan spreken. Maar we moeten ook besluitvorming, programma’s en financiering op elkaar afstemmen. In gebiedsgericht werken kom je dichter bij elkaar.” Oftewel: maak ‘integraal’ concreet en pak dat samen op.

Blijven leren én nu snel beginnen

De oproep tot integraal samenwerken was IRM-programmamanager Kamerman uit het hart gegrepen. “Maar dat is wel een zoektocht”, lichtte hij toe. “We zullen al doende en wendbaar moeten leren. De komende jaren kunnen we ook onze inhoudelijke aanpak met nieuwe rivierinformatie aanvullen en verrijken.”

Wat hoopt Kamerman op het Deltacongres van 2023 te kunnen melden? "Dan weten we met elkaar in welke gebieden we het eerste aan de slag gaan. We zullen nog decennia aan het werk zijn, maar we moeten ergens begínnen met het POW uit te voeren."

Bekijk de volledige sessie

Tijdens de sessie Bodem in Zicht kwam heel wat ‘flessenpost’ binnen van (online) congresbezoekers. De rode draad: het systeemdenken krijgt brede steun en er is behoefte aan regie op het vele werk in de rivierengebieden. De oproep was wel: zoek vooral ook internationale samenwerking om tot een goede verdeling van (schaars) water te komen. Ook veel relevante thema’s die spelen in het rivierengebied, van stikstof tot energietransitie. Ook reacties over samenwerking. “Benut de ervaringskennis van gebiedsgebruikers”, was zo’n tip.